Zoek de ontbrekende bevestiging
Zoek in ‘Lesrooster, overdrachtsnotitie en fictieve klantcommunicatie’ de passage of waarneming die rechtstreeks bij ‘Scheid bevestigd en onbekend’ hoort. Noteer niet alleen een trefwoord, maar ook de voorwaarde waaronder het gegeven geldt. Een afspraak kan bijvoorbeeld een andere partij, periode of locatie betreffen dan degene die nu in het gesprek centraal staat.
Formuleer een toets waarmee de verwachting ook zou kunnen worden weerlegd. Wat moet je terugzien om ‘Een servicegerichte vragenlijst opstellen’ aannemelijk te vinden? En welk gegeven zou reden zijn om ‘Een interview met beide ondernemers voorbereiden’ opnieuw te bekijken? Noteer een ontbrekend antwoord als open onderzoekspunt. Daarmee voorkom je dat een lege plek ongemerkt als positieve bevestiging in je dossier terechtkomt.
De twee condities in het werkblad
Een tweede controle gebruikt de twee condities bij ‘Bevestigde klantafspraken na overdracht’. Voor overdrachtscheck komt uit op 4 afspraken. Bij na gezamenlijke controle staat 8 afspraken. Het verschil bedraagt 4 afspraken in opwaartse richting. Zoek in de bron of het bewijsstuk hoe elke waarde is opgebouwd. Markeer het cijfer dat je nog niet zelfstandig kunt herleiden.
Probeer een te snelle conclusie over «Scheid bevestigd en onbekend» te weerleggen. De stap van 4 naar 8 afspraken laat een rekenverschil zien. Zoek met Lesrooster, overdrachtsnotitie en fictieve klantcommunicatie opnieuw uit of dezelfde eenheid en selectie gelden bij beide condities. Het bewijsstuk voor je eigen bewerking is Lesrooster, overdrachtsnotitie en fictieve klantcommunicatie. Leg ontbrekende gegevens als zodanig vast. Je toets is pas reproduceerbaar wanneer een ander de betreffende passage, de gekozen interpretatie en de resterende onzekerheid kan terugvinden. De bedragen of tellingen in deze oefening horen bij het gekozen voorbeeld.
Van uitwerking naar beslissing
Sluit de toets af met een korte herleidbare notitie. Beschrijf wat je hebt gecontroleerd voor ‘Scheid bevestigd en onbekend’, waar je het hebt gevonden en wat nog ontbreekt. Als ‘Inventariseer de afspraaksoorten’ een betere manier is om het resterende punt te onderzoeken, leg je die vervolgstap met een eigenaar vast.
Houd bron, verslagperiode en eigen duiding afzonderlijk in je aantekeningen. Een correctie moet naar de oorspronkelijke passage terug te voeren zijn. Bij de vraag ‘Scheid bevestigd en onbekend’ helpt het om één toetsbare zin te noteren over wat merkt een bezoeker van een ondernemerswissel?. Vermeld welke informatie je gebruikt en welke afspraak nog ontbreekt. Een collega kan dan zien welke vervolghandeling logisch is zonder de hele aanleiding opnieuw te reconstrueren.



