| Periode | Omzetwaarde, 2021 = 100 | Jaarmutatie omzetwaarde |
|---|---|---|
| Q3 2022 | 108,2 | -2,3% |
| Q3 2023 | 111,1 | +2,6% |
| Q3 2024 | 114 | +2,6% |
| Q3 2025 | 118,2 | +3,7% |
| Q3 2026 | 122,9 | +4% |
Ongecorrigeerde CBS-cijfers, bedrijfstak 375900. Gerapporteerde waarde- en volumecijfers zijn afzonderlijke reeksen. Voorlopige uitkomsten kunnen later worden herzien.
Eén jaar terug in de index
In het derde kwartaal 2025 bedroeg de waarde-index 118,2. In het derde kwartaal 2026 is dat 122,9, een verplaatsing van +4,7 indexpunt. Het procentuele verschil met die eerdere waarde bedraagt volgens de gepubliceerde jaarmutatie +4 procent. Een indexpunt en een procent zijn hier verschillende eenheden. Neem je 118,2 als beginwaarde in plaats van honderd, dan zie je waarom de twee getallen niet vanzelf samenvallen. De gepubliceerde percentages kunnen bovendien op onderliggende, minder afgeronde waarden zijn berekend.
Het verschil met het kwartaal ervoor
Vergelijk je het derde kwartaal 2026 met het tweede kwartaal 2026, dan staat er -9,3 procent. Het eerdere indexniveau was 135,5 en het nieuwe is 122,9. Na correctie voor het terugkerende seizoen- en kalenderpatroon geeft de tabel voor deze kwartaalvergelijking +0,6 procent. Bewaar bij het overnemen van dat cijfer dus ook de naam van de correctie. De vergelijking binnen één jaar en de vergelijking met dezelfde periode vorig jaar beantwoorden afzonderlijke vragen over bouwmarkten.
Wat vertelt de geldomzet?
De tabel geeft voor het omzetvolume in Q3 2026 een jaarmutatie van +2,9 procent. Zet deze volumerichting naast de waardeontwikkeling van +4 procent. Een verschil hoeft geen verandering van de winstmarge te betekenen. Samenstelling van de afzet en veranderingen van prijzen kunnen bij de uitleg een rol spelen. Met deze twee cijfers alleen kun je zulke invloeden niet per winkel of dienstverlener uiteenleggen.
De positie van Q3 2026 binnen de reeks
Over de getoonde vergelijkbare kwartalen sinds Q3 2022 valt de hoogste jaarmutatie op Q3 2026 met +4 procent. De laagste waarde staat bij Q3 2022 op -2,3 procent. Voor Q3 2026 zitten de gepubliceerde bewegingen van Winkels overige huishoudartikelen (+3,9 procent) en Detailhandel (niet in auto's) (+3,7 procent) qua omvang in de buurt van de +4 procent voor Bouwmarkten. Die nabijheid is een rekenkundige selectie binnen dezelfde tabel. Sommige categorieën overlappen. Een gedeelde oorzaak of vergelijkbaar marktvolume volgt er niet uit.
Voor een gesprek over de richting van bouwmarkten kun je ook de laatste vier afzonderlijke jaarvergelijkingen naast elkaar zetten. Bij Q4 2025 hoort +2,8 procent, bij Q1 2026 -0,3 procent en bij Q2 2026 +3,2 procent. Met de +4 procent van Q3 2026 zijn er in dat venster 3 positieve jaarmutaties. Ieder kwartaal heeft daarbij zijn eigen vergelijkingskwartaal een jaar eerder. De getoonde vier percentages optellen zou dus geen groeicijfer voor het hele jaar opleveren.



